A grief observed door C.S. Lewis

Hoe voelt rouw aan? C.S. Lewis begint zijn boek ‘A grief observed’ met dit citaat. Ik zat meteen helemaal in het boek, met deze mooie vergelijking.

In het boek lezen we mee in het dagboek van Lewis na het overlijden van zijn vrouw, in het boek ‘H.’ genoemd. Ik luisterde het boek op storytel (je kan het 30 dagen gratis proberen trouwens – geen aandelen hoor, gewoon een tip) en daar wordt het boek heel mooi ingeleid. 

Zo leer je de achtergrond van Lewis’ huwelijk kennen, wat voor man hij is en hoe hij in het leven staat. Hij is een echte intellectueel en trouwde met H. toen zij al ziek was, bijvoorbeeld. Naast dat het boek over rouw gaat, gaat het namelijk ook over hem (en zijn vrouw, de liefde, hun huwelijk), dat valt niet los te zien. En juist dat maakt het zo’n persoonlijk – en bij vlagen herkenbaar – verslag.

Lewis beschrijft de vragen die hij zich stelt over rouw en de dood en je ziet hoe rouw zijn wereldbeeld beïnvloedt en zijn geloof doet bevragen (‘Meanwhile, where is God?’). Ik herkende het wel. Na mijn moeders dood dienden zich bij mij ook allerlei levensvragen weer aan. 

‘I have no photograph of her that’s any good. I cannot even see her face distinctly in my imagination. Yet the odd face of some stranger seen in a crowd this morning may come before me in vivid perfection the moment I close my eyes tonight. No doubt, the explanation is simple enough. We have seen the faces of those we know best so variously, from so many angles, in so many lights, with so many expressions–waking, sleeping, laughing, crying, eating, talking, thinking–that all the impressions crowd into our memory together and cancel out into a mere blur. But her voice is still vivid. The remembered voice–that can turn me at any moment to a whimpering child.’

Het boek is doorspekt met dit soort mooie beschrijvingen en het doet inderdaad aan als observaties van rouw.